Genieten van de mooie momenten

De veerkracht die je als mens blijkbaar hebt. Annemiek Zwierenga staat daar van te kijken. Haar moeder woonde tien maanden in Voorveldse Hof en overleed begin december. “Het ging steeds slechter. Maar je past je telkens aan en probeert te genieten van de mooie momenten die er zijn.”

Annemieks moeder kwam in februari 2017 in het verpleeghuis wonen. Een jaar ervoor kreeg zij de diagnose vasculaire dementie, in een agressieve vorm. Een enorme dreun. “Mijn moeder was een geëmancipeerde, zelfstandige vrouw. Zij heeft als hoofdverpleegkundige gewerkt bij Altrecht, op de afdeling geriatrie. Ze wist wat haar te wachten stond en werd depressief. Nog een jaar heeft zij thuis gewoond en ging naar de dagbehandeling bij Altrecht om de depressie te behandelen. Dat is heel goed geweest.”
Toen kwam het moment dat verhuizen naar Voorveldse Hof onvermijdelijk was. “Mijn moeder was er nuchter onder en accepteerde dat het zo was. Ze is nooit boos geweest, ook niet naar mij en mijn broer toe. Maar ze was wel verdrietig. Tegelijkertijd ook dankbaar dat wij alles voor haar wilden regelen. Ik vond dat geregel pittig. Krijg je ineens te maken met het CIZ en andere instanties, terwijl je je ook zo ontzettend veel zorgen maakt.”

Achteruitgang
Haar moeder kreeg na de verhuizing naar Voorveldse Hof twee keer een snelle achteruitgang. De laatste was twee maanden voor haar overlijden. “Die zondag was ze nog bij mij thuis geweest. Toen zei ze ‘dit is denk ik de laatste keer dat ik hier ben’. Dat komt binnen. De volgende ochtend werd ik gebeld dat ze was gevallen. Van een schaal van 1 op 10 is ze toen van een 10 naar een 2 gegaan.”
En dat is schakelen als kinderen, er is een nieuwe situatie. Toen Annemiek voor het eerst in Voorveldse Hof kwam, liep haar moeder zonder rollator en was nog heel ‘goed’, terwijl enkele medebewoners in een rolstoel zaten. En toen zat haar moeder er ineens zelf in.
“In het begin dacht ik ‘waarom gaan ze niet vaker met de bewoners naar buiten?’. Als ik met mijn moeder ging wandelen nam ik geregeld andere dames mee. Later was naar buiten gaan niet meer aan de orde en nu kijk ik er anders tegenaan. De verzorgenden zijn er om zorg en comfort te bieden aan een groep van acht bewoners en dat doen ze goed vind ik. Wandelen met een paar bewoners die dat nog kunnen, daar is nu eenmaal niet altijd tijd voor. Daarom is het heel belangrijk dat er mantelzorgers en vrijwilligers zijn die kunnen blijven zorgen voor ontspanning op maat. Ik ben van plan om in de toekomst de dames op de woning nog eens op te zoeken en wie dat wil mee naar buiten te nemen voor een wandelingetje. In het begin probeerde ik er te zijn voor alle dames in de huiskamer, iedereen aandacht te geven, het gezellig te maken. Toen mijn moeder achteruit ging, was ik vooral op haar gericht.”

Thuis
Annemiek ervaarde Voorveldse Hof als het nieuwe huis van haar moeder. “Zo voelde het ook. Mijn broer en ik kwamen er echt thuis bij mijn moeder. Het voelde niet als op bezoek zijn. Ik vond het fijn om soms even naast mijn moeder te gaan liggen en dan wilde het wel eens gebeuren dat we samen in slaap vielen.”
Annemiek weet nog dat ze, voor haar moeder naar het verpleeghuis ging, wel eens twijfelde of het echt een juiste beslissing was. “Ze was toen nog vrij goed. Maar afdelingsmanager Michiel van Schaffelaar zei tijdens het kennismakingsgesprek iets heel moois: ‘Je komt hier of te vroeg, of te laat. Je komt nooit op tijd’. Dat klopt. Omdat mijn moeder kwam toen het relatief nog goed ging, is deze omgeving vertrouwd geworden. Een nieuw soort thuis. Daardoor voelde zij zich er veilig.”

Rollen omgedraaid
“De rollen waren omgedraaid, mijn broer en ik zorgden voor mijn moeder. Als dochter heb je er soms last van dat je je ergert aan je moeder, dat hoort erbij. Maar dat was helemaal weg. Ik hield zo ontzettend veel van haar, onvoorwaardelijk. Ze was ondanks haar ziekte nog steeds heel lief en invoelend, zoals ze altijd was geweest. Ze zei eigenlijk alleen lieve dingen, zoals ‘wat staat die trui je mooi’.”
Soms had Annemiek moeite om naar huis te gaan, omdat ze er voor haar moeder wilde zijn. “Toen zei Elise, een zorgmedewerker: ‘Ga maar. Als jij er niet bent, zorgen wij goed voor haar hoor’. En dat is natuurlijk zo. Maar dat zij dat even benoemde, maakte een verschil. Dat voelde goed.”
“Mijn moeder had na de laatste terugval, twee maanden voor haar overlijden, nog weinig besef van wat haar overkwam. Het besef van ziek zijn, van vergeten, dat was verdwenen. Ze had het als het ware losgelaten. Dat maakte het voor mij en mijn broer mogelijk te genieten van de fijne momenten die we samen nog hadden. Ik hoopte op meer tijd, maar op 4 december overleed zij.”

Meer informatie:
Over wonen in verpleeghuis Voorveldse Hof kunt u hier meer lezen.
Meer informatie over dementie kunt u hier vinden, in een uitgave van onze Kennisreeks.