Een leven tussen klomp en kunst

Van klompenmakerszoon tot houtkunstenaar op leeftijd. Je zou kunnen zeggen dat hout de rode draad is in het leven van Henk van de Kant (91), bewoner van woonzorgcentrum Isselwaerde.

“Geboren in Culemborg, 1930,” zegt hij met een innemende lach. “Zomaar ineens was ik er.”  

Zijn vader heeft er een klompenfabriek waar ontelbaar veel klompen worden gemaakt. Nou ja, ontelbaar. Als jongen van negen jaar gelooft hij daar niet in. Hoogstpersoonlijk telt Henk op een dag alle klompen. “Ik vond die enorme hoeveelheid zó fascinerend en wilde weten hoeveel het er precies waren. Tachtigduizend, echt waar! In paren van tien aan elkaar vastgemaakt, dus dat was makkelijker tellen.”

Ruilmiddel
Die voorraad is geen luxe: de verkoop loopt terug vanwege de crisistijd en omdat klanten steeds vaker overstappen naar schoenen. Maar wanneer de oorlog uitbreekt, blijken de klompen goed van pas te komen als ruilmiddel. “Er was weinig eten, dus we ruilden klompen voor producten als boter, kaas en vlees.”

Het gezin - Henk heeft nog vier broers en een zus - is rooms-katholiek en het is dan ook niet vreemd dat hij de vraag krijgt of hij in het kerkkoor wil zingen. Ze oefenen iedere maandag trouw in het parochiehuis voor een uitvoering, uiteraard in de kerk. “Mijn ouders zaten voorin bij het altaar, wij stonden hoog bij het orgel. Ik dacht dat ze het niet zouden horen, dus ik zong heel hard… en bijzonder vals. Daarna heb ik maar nooit meer gezongen, het was niks voor mij.”

Tragisch ongeluk
Zijn zonnige gezicht betrekt wanneer hij vertelt over broer Gerard, die jong overleed tijdens een vakantie. “Hij ging wandelend met broer Frans en een neef via de pont naar Wijk bij Duurstede om te zwemmen, maar het zwembad was gesloten. Toen wilden ze het proberen in de Lek, maar Gerard kon helemaal niet zwemmen. Hij dacht dat het water geleidelijk dieper werd, maar dat gebeurde abrupt en daardoor verdronk hij. Het was afschuwelijk, ons gezin was er lange tijd helemaal ondersteboven van.”

De jaren verstrijken, tot zijn 27e blijft Henk zijn vader helpen in de klompenfabriek met schilderen, schuren en binden. De klompen maken plaats voor fruitkisten, waar meer brood in zit. Hij werkt ook een aantal maanden in de Utrechtse houthandel Malba, maar kiest uiteindelijk voor een andere toekomst. Iedere dag komt er met de pont een boekhouder uit Wijk bij Duurstede naar de klompenfabriek. Zijn werk lijkt Henk wel wat en via zijn toekomstige schoonzus kan hij beginnen bij verzekeringsmaatschappij VVM, voorloper van A.S.R in Utrecht. Het is een goede keus: Henk blijft er tot zijn pensioen in dienst. “Mijn schoonzusje moest na haar trouwen weg, zo ging dat toen. Misschien heb ik haar baan wel gekregen.”

Schrikkeldans
In Utrecht gaat hij op dansles bij Dansschool Zegers in de Breedstraat. Daar leert hij door de ongemanierdheid van een ander jongen zijn toekomstige vrouw Bep kennen. “Dat gebeurde op een avond met de schrikkeldans, waarbij een meisje de jongen ten dans vraagt. Bep vroeg iemand, maar die gozer weigerde! Nou ja, zeg, dat vond ik enorm gênant en daarom vroeg ik haar. De volgende zondag zijn we in de stad iets gaan drinken en toen was het aan.”

Ze hebben het goed samen, onder meer dankzij de passie die ze voor bridge delen. Geregeld bezoeken ze samen kaartavonden om met andere paren te spelen. “Ik hield van haar omdat ze geen poeha had. Aan opscheppen heb je niks. Wees maar gewoon jezelf, daar heb je al je handen vol aan.”

Liefdesbrieven
Na een aantal jaren krijgen ze beide de behoefte hun relatie verder te verdiepen. Via via komen ze bij Marriage Encounter terecht, een organisatie die wereldwijd mensen met een relatie ondersteunt. “We schreven elkaar openhartige liefdesbrieven en deelden soms ook de opgeschreven gevoelens in een groep met andere deelnemers. Dat heeft onze relatie enorm verrijkt.”

Henk en Bep blijven bijna 54 jaar samen, tot zij in 2014 overlijdt. Op bezoek bij een echtpaar dat ze via Marriage Encounter hebben leren kennen, ziet Henk een mooi houten beeldje. “Ik mocht het meenemen, want zij waren erop uitgekeken. Thuis raakte ik geïnspireerd en maakte ik een nieuw beeld van hout.”

Apetrots
Het is het begin van een levenswerk, dat een hoogtepunt krijgt met een expositie in Isselwaerde. Apetrots: “Kom, ik laat je die beelden even zien.”

We lopen van zijn woning, vol schilderijen die hij ook nog maakte, naar de hal op de begane grond waar zijn werk in een grote vitrine is te bewonderen. Henk kan bij ieder beeld een verhaal vertellen. Hij zet een jochie van hout met een voetbal op tafel. “Dat heb ik voor mijn kleinzoon Sam gemaakt, die voetballertje was. Maar hij bleek een spierziekte te hebben en zit nu al jaren in een rolstoel. Ach, dat zo’n jochie dat allemaal moet ondergaan. Het werken aan dit beeldje was technisch niet moeilijk, maar wel emotioneel.”

Op de tafel ligt ook een schrift vol ontroerende reacties van kijkers. “Ik kan het bijna niet geloven, iedereen is zó positief en enthousiast. Dat doet me nog steeds ontzettend goed…Ja, ik weet wel iets van hout af.”